Drieluik ‘Jouw student weer naar het buitenland’

Stagelopen in een ander land betekent je grenzen verkennen. De taal, de mensen, de omgeving: alles is anders. Waarom? Wat levert het op? Een student, docent en een stagecoördinator delen hun ervaring.
student op reis

Safak Kaya (24) is derdejaars hbo-student Global Marketing & Business aan de Hogeschool Rotterdam. Tijdens zijn mbo-opleiding International Business ging hij twee keer in het buitenland op stage. Eerst op een camping in Fréjus, Frankrijk, daarna bij congresorganisator Geyseco in het Spaanse Valencia.

Eigenlijk ging het min of meer per ongeluk, die eerste keer. Op school konden studenten zich inschrijven voor een stage op een Franse camping. Safak Kaya zette zijn naam op de lijst, maar dacht er niet al te veel over na: “Ik dacht, ik ga het toch niet doen, ik schrijf me later wel uit. Huisjes schoonmaken, achter de receptie zitten, in een tent slapen: niks voor mij.” Maar toch was er iets wat hem trok in het idee. En dus meldde hij zich niet af, maar ging hij echt naar Frankrijk.

Tijd voor iets nieuws

“Ik zat in die tijd niet zo lekker in mijn vel,” zegt hij. “Achteraf denk ik dat ik me gewoon verveelde, dat ik prikkels nodig had. Ik woonde thuis bij mijn ouders in Arnhem, ging al jaren naar dezelfde voetbalclub, had al jaren dezelfde vrienden. Het was tijd voor iets nieuws.”

Hij weet nog goed dat hij aankwam op de camping. Even had hij grote twijfels. Wat moest hij daar? Kon hij dat wel, contacten leggen met onbekenden? Maar die obstakels, de drempels die hij over moest, bleken uiteindelijk een cadeautje. “Voordat ik op stage ging, was ik al best sociaal, maar alleen bij mensen die ik goed kende. Nieuwe mensen leren kennen vond ik eng, ik stapte bijna nooit op iemand af. Aan onbekende situaties had ik ook een hekel: als ik niet kon overzien wat er zou gebeuren.”

Een nieuw avontuur aangaan

Dat is helemaal veranderd. In het diepe springen, een nieuw avontuur aangaan: sinds zijn stage in Frankrijk vindt hij dat het leukste wat er is. “Het heeft iets verslavends. Ik zoek de onzekerheid tegenwoordig juist graag op. Waar ik vroeger het liefste alles met iemand samen deed, ga ik nu juist graag alleen op pad.” Eenmaal weer terug in Nederland kon hij niet wachten tot hij weer op buitenlandstage kon. Het jaar erna ging hij naar Valencia. Dit keer op een plek die beter bij zijn studie aansloot: bij een bedrijf dat medische congressen organiseerde. Ook weer een positieve ervaring: hij overwoog zelfs even om in Valencia te blijven studeren, maar koos daarna toch voor Rotterdam. Weg uit Arnhem, inderdaad. “Ik werd steeds ambitieuzer en wilde naar een andere stad.”

Een buitenlandstage is niet voor een ieder zelfsprekend

Safak vertelt graag over zijn stage-ervaringen. In de multiculturele buurt in Arnhem waar hij vandaan komt is een buitenlandstage niet voor iedereen vanzelfsprekend. “Mijn ouders keken ook wel van mijn plan op. Ze hebben zelf niet gestudeerd en begrepen daarom niet direct waarom ik het wilde. Het hielp dat mijn oudere broer al naar Cambridge was geweest. En uiteindelijk waren ze heel trots dat ik het durfde en iets gedaan heb wat zij nooit hebben kunnen doen.”

Jongeren die moeite hebben om hun omgeving te overtuigen van het nut van een buitenlandstage, adviseert hij om goed op een rijtje te zetten waarom ze het willen. “Leg bijvoorbeeld uit dat je jezelf goed kunt ontwikkelen, zelfstandig wordt, een nieuwe taal leert, en dat het voor je carrière van belang kan zijn.” Dat laatste merkt hij nu hij voor de derde keer stageloopt, ditmaal bij Coca-Cola in Rotterdam. “Ik merkte bij mijn sollicitatie dat het erg gewaardeerd wordt als je op buitenlandstage bent geweest. Het laat zien dat je durft, dat je buiten je comfortzone kunt stappen.”

 

Kees Koning is docent E-commerce, Sales en Marketing bij verschillende commerciële opleidingen van Aventus in Deventer. Hij begeleidt veel studenten die op buitenlandstage gaan. Na een lange periode waarin er op dat gebied weinig mogelijk was, kunnen studenten dit schooljaar hopelijk weer écht naar het buitenland.

In de zomervakantie op reis naar het buitenland, of skiën in de winter. Natuurlijk, er zijn studenten die dat gewend zijn. Maar vergis je niet, zegt Kees Koning: voor veel studenten is het helemaal niet vanzelfsprekend om naar het buitenland te gaan. “Sommigen zijn hooguit eens een dag in Amsterdam geweest.” Mede daarom vindt hij de buitenlandstage zo’n mooie kans voor zijn studenten. Het is een manier bij uitstek om kennis te maken met andere landen en culturen, en dankzij onder meer Erasmus+ toegankelijk voor heel veel studenten. 

‘Studenten zijn vaak zelfstandiger geworden’

Vaak komen ze terug als een ander mens, vertelt hij. “Ze hebben zoveel nieuwe indrukken opgedaan. Ga maar na, ze hebben een hele reis gemaakt, hun plek leren vinden bij een bedrijf en bij een gastgezin en misschien nieuwe vrienden gemaakt.” Studenten zijn vaak zelfstandiger geworden en de vreemde taal die ze in het buitenland hebben moeten spreken, vaak Engels, heeft een flinke boost gekregen. “Je ziet ook vaak dat ze na de stage meer durven. Studenten die een buitenlandstage gedaan hebben, gaan vaker werken in een baan met een internationaal tintje. Moet je regelmatig bellen met internationale klanten? Als je een tijdje in het buitenland hebt gewoond, is dat veel minder spannend.”

De afgelopen anderhalf jaar was er weinig mogelijk op dat gebied, en voor veel studenten die graag wilden was dat een domper. Maar het leidde ook tot veel creativiteit bij docenten en studenten, vertelt Kees. “We hebben een online samenwerkingsproject opgezet met een Duitse school, waarbij 40 studenten en 10 Nederlandse en Duitse docenten betrokken waren. Het heeft me echt verrast hoe leuk dat was en hoeveel interactie er online mogelijk was.”

Eerste kennismaking via Teams

Kees hoopt van harte dat de buitenlandstage dit studiejaar weer volop mogelijk zal zijn. Aventus werkt er hard aan om dat mogelijk te maken. De lessen van het onlineproject zullen zeker een rol blijven spelen in de buitenlandstages. “We willen er nu een gewoonte van maken dat studenten eerst al via Teams kennismaken met hun stagebedrijf. Dat is niet alleen leuk, daardoor wordt de drempel van de stage ook een stukje lager: je hebt elkaar dan al even gezien en gesproken.” 

Twee studenten naar een stageplek

De buitenlandstage is een speerpunt van de commerciële opleidingen waar Kees bij betrokken is. Studenten zijn niet verplicht om stage te lopen in het buitenland, maar hij en zijn collega’s raden het hen wel sterk aan. “We zeggen tegen iedere student: probeer in ieder geval een van je twee stages in het buitenland te doen. Voor een student die een internationale handelsopleiding volgt is dat een logische stap. Vaak sturen we twee studenten naar een stageplek. Daarmee trek je soms studenten over de streep die het in hun eentje nét te spannend vinden. En uiteindelijk geldt: hoe meer studenten die buitenlandervaring opdoen, hoe beter.” 
 

Fenia van den Brande is stagecoördinator bij ZNA Ziekenhuizen in Antwerpen. In het ziekenhuis waar zij werkt zijn elk semester zo’n acht Nederlandse stagiairs van mbo-opleidingen verpleegkunde. 

Om echt te ontdekken wat culturele verschillen zijn, moet je op z’n minst naar een land waar men een andere taal spreekt. Hoe verder weg, hoe beter. Toch? Nou, dat is niet de ervaring van Fenia van den Brande. Ze krijgt het hele jaar door te maken met Nederlandse stagiairs. Die merken dat men in Antwerpen weliswaar dezelfde taal spreekt, maar dat Vlamingen toch echt geen Nederlanders zijn. “Het cultuurverschil wordt vaak onderschat,” zegt Fenia. “Wij Vlamingen zijn vrij gereserveerd, wat zoekend. Dat is ons ook van jongs af aan geleerd: treed niet te veel op de voorgrond, wees bescheiden.” 

Die karaktertrekken zijn bij de Nederlandse stagiairs – al zijn die natuurlijk heel verschillend, benadrukt ze – vaak niet zo opvallend aanwezig. Een voorbeeld? “Ik werk hier nu een jaar als stagecoördinator. Vlaamse studenten bewaren vaak wat afstand, ze noemen me vaak ‘mevrouw’.” Ze lacht: “In het begin keek ik er echt van op als een Nederlandse student zei: ‘Nou Fenia, wat gaan we doen vandaag?’.” 

De Nederlandse directheid

Al heeft de Nederlandse directheid en durf onmiskenbaar ook voordelen. “Doordat ze spontaner zijn dan de Vlaamse stagiairs, raken ze vaak veel sneller geïntegreerd in het team.” Het ziekenhuis zou niet zonder ze willen, zegt Fenia. “We investeren veel in ze, doen de eerste weken ons best ze zoveel mogelijk bij te brengen, maar daarna levert hun aanwezigheid ook veel op. De stagiairs kunnen na een tijdje vaak behoorlijk zelfstandig meedraaien.” 

Het is leerzaam voor de studenten om te merken dat men in België nét iets anders met elkaar omgaat, merkt Fenia. De stages duren vijf maanden en gedurende die periode ziet ze ze vaak veranderen. “Je merkt dat ze beter leren aanvoelen wat wel en niet passend is, bijvoorbeeld in het contact met patiënten.” 

Geen taalbarrière

Antwerpen is misschien een minder exotische bestemming dan Lissabon, Madrid of Parijs, de stad blijkt vaak een goede keuze voor een buitenlandstage, is haar indruk. “Veel van onze stagiairs zijn nog maar 18 of 19, ze wonen meestal nog bij hun ouders. Antwerpen is een levendige stad vol mogelijkheden, maar ook niet te ver van huis. Als er iets aan de hand is, kunnen ze zo in de trein springen. En het is prettig dat er geen taalbarrière is, want als kersverse stagiair heb je per definitie genoeg obstakels te overwinnen.” 

‘Zorg voor een goede mentor’

Voor andere bedrijven buiten Nederland die interesse hebben om buitenlandstagiairs een plek te bieden, heeft Fenia daarom een tip: “Sta erbij stil dat de stap om in het buitenland stage te gaan lopen best groot is. Het is spannend om voor het eerst werkervaring op te doen en op kot te gaan wonen.” Zorg er daarom voor dat iedere stagiair een goede mentor binnen het bedrijf heeft, is haar advies. “Onze mentoren begeleiden het leerproces, maar voelen het vaak ook aan als een stagiair heimwee heeft. Als je iemand hebt die zoiets aan je ziet, kan dat alle verschil maken.”

Meer informatie

Wil je mbo-studenten (nog) beter begeleiden bij hun buitenlandstage? Zoek je tips en hulpmiddelen om je IBPV-proces goed in te richten? Sluit je dan aan bij het IBPV-netwerk.