‘Internationalisering begint in je eigen klas’

Tijdens de Week of the International Student is er ook aandacht voor internationalisering in het VO. Het Marnix College boekt al 25 jaar succes met tweetalig onderwijs en wereldburgerschap.
Geschreven door Jeroen Langelaar
Een scholier van het Marnix College tijdens een reis naar Malawi

Een oud-scholier van het Marnix College werkt als juridisch adviseur voor Google. Een ander studeerde aan Cambridge, en weer een ander is lid van het European Youth Parliament. Maar of de oud-scholieren nu werkzaam zijn in een internationale omgeving of niet – ze kunnen er in elk geval prima uit de voeten als dit van hen zou worden gevraagd.

Het Marnix College uit Ede is in november precies 25 jaar actief met tweetalig onderwijs in het vwo. “We zaten in de voorhoede”, blikt Corine Poot terug, 21 jaar werkzaam op ‘het Marnix’ en sinds 2010 coördinator tweetalig onderwijs. Sinds dit jaar heeft de school het tweetalig onderwijs ook (weer) opgestart op de havo. Tweetalig onderwijs houdt in dat minimaal de helft van de lessen vanaf de brugklas in het Engels zijn. Ook heeft de school bijzondere aandacht voor wereldburgerschap.

Corine heeft de interesse in tweetalig onderwijs de afgelopen twintig jaar zien toenemen. “We worden steeds meer omringd door Engels, zowel in de media als bij vervolgopleidingen. Basisscholen in de omgeving geven tegenwoordig vanaf groep 3 Engels. Ook merk je dat ouders meer belang hechten aan tweetalig onderwijs met het oog op vervolgopleiding voor hun kinderen.”

University Colleges

Het Marnix College houdt geen cijfers bij over hoeveel scholieren uiteindelijk in het buitenland of in een internationale omgeving belanden, maar ziet wel een toenemende populariteit van Engelstalige University Colleges onder scholieren. Anderen kiezen voor traineeships bij internationale bedrijven of lopen stage in het buitenland. “Maar ongeacht hoeveel oud-scholieren daadwerkelijk de stap zetten, het is vanzelfsprekend geworden dat je het overwéégt. Daar zit de winst”, zegt Corine (foto rechts).

Corine Poot

In het kader van wereldburgerschap is het gebruikelijk dat vierdeklassers van het Marnix College twee weken in het buitenland doorbrengen. Zo komt het voor dat een zestienjarige scholier alleen op het vliegtuig naar Amerika stapt voor een kort high school-avontuur. “Ze leren zo uit eerste hand over samenlevingen, regels en culturen. Als ze terugkomen, dan zijn ze écht gegroeid. Bovendien winnen ze aan zelfvertrouwen, want ze hebben zich met hun Engels kunnen redden.”

Internationalisering en corona

Ook organiseerde de school groepsreizen, zoals naar Brussel of Malawi. Door het coronavirus zitten dergelijke trips er voorlopig niet meer in, maar internationalisering en wereldburgerschap verdwijnt daarmee zeker niet van de agenda. Momenteel loopt er een ansichtkaartenproject, waarbij leerlingen kaarten sturen naar buitenlandse contacten. Het is de bedoeling dat de kaarten een reis rond de wereld maken alvorens terug te keren op het Marnix met wetenswaardigheden over de landen waar de kaarten zijn geweest.

Dat is ook meteen dé les die Corine (foto) in haar jaren als coördinator tweetalig onderwijs heeft geleerd. Voor internationalisering en wereldburgerschap hoef je echt niet direct op het vliegtuig naar Afrika te stappen. “Het gaat om verder kijken dan je eigen voordeur, leerlingen bewust maken van hun omgeving. Wat gebeurt er in je stad, provincie, en de rest van Nederland? Welke culturen hebben we op school en in de wijk? Snappen kinderen de Brexit? Wat zijn de verschillen tussen de lockdown in Nederland en in Italië?”

Betrek oud-leerlingen

Naast het belang van een enthousiaste voortrekker binnen de school, wijst Corine op de toegevoegde waarde van het betrekken van mensen van buiten de school. Het Marnix College nodigt regelmatig onderzoekers van het nabije Wageningen University uit voor hoorcolleges. Ook oud-leerlingen verliest de school niet uit het oog. “Neem eens contact op met leerlingen die in het buitenland hebben gestudeerd of bij een internationale organisatie werken”, adviseert Corine. “Die vinden het altijd onwijs leuk om daar op hun oude school over te komen vertellen.”

“Normaal zijn scholieren niet zo te porren voor extra werk, maar bij internationalisering spat het enthousiasme ervan af”, besluit Corine. “Ze vinden het echt leuk. Je ziet hoe tieners zich ontwikkelen tot sprekers van formaat, tot wedstrijden als de Junior Speaking Contest aan toe. Dat is ook voor docenten ontzettend gaaf om mee te maken. Het coronavirus dwingt ons nu om creatief te zijn, en dat is alleen maar goed. Want internationalisering is veel meer dan de grens over gaan. Het begint gewoon in de klassen. Er is zo veel mogelijk!”

Internationalisering in het vo

Tijdens de Week of the International Student worden er twee webinars gegeven specifiek voor het voortgezet onderwijs:

  • eTwinning (18 november) en
  • Sustainable Development Goals in het VO (19 november).

Schrijf je nu in!

Altijd op de hoogte blijven? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.